nieuws


nieuws over onderzoek

  • Patiënten die informatie krijgen over haarverlies ten gevolgen van chemotherapie (alopecia) en mogelijkheden om dit haarverlies te voorkomen of te verminderen door middel van hoofdhuidkoeling, zijn over het algemeen tevreden over deze informatie. Dat geldt in mindere mate voor patiënten uit de categorie 'actieve informatiezoekers'; bij hen is ruimte voor verbetering van de informatievoorziening. Dat blijkt uit onderzoek van Corina van den Hurk (IKNL) en collega’s. De bevindingen in deze studie zijn nuttig voor verpleegkundigen die patiënten moeten informeren over chemotherapie en kans op haarverlies en voor verpleegkundige protocollen.
    Lees meer
  • Onderzoekers van AMC en IKNL zullen een onderzoek gaan uitvoeren naar het opsporen en behandelen van uitzaaiingen van baarmoederhalskanker naar de lymfklieren. Recent heeft KWF kankerbestrijding hiervoor subsidie toegekend. De aanwezigheid van lymfkliermetastasen is één van de belangrijkste factoren voor het voorspellen van het beloop van baarmoederhalskanker.
    Lees meer
  • Overlevenden van kanker die ten tijde van de diagnose al hart- en vaatziekten hadden, rapporteren vaker een negatief effect op hun gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven. Het gaat hierbij onder meer om hun algehele kwaliteit van leven, fysiek functioneren en symptomen als vermoeidheid en dyspneu. Dat concluderen Dounya Schoormans (CoRPS, Tilburg University) en collega’s in Acta Oncologica. Volgens de onderzoekers is het belangrijk dat zorgverleners extra aandacht schenken aan deze kwetsbare groep overlevenden. Daarbij dient ook rekening gehouden te worden met mogelijke progressie van cardiovasculaire aandoeningen, aangezien oncologische behandelingen cardiotoxisch kunnen zijn.

    Lees meer
  • De impact van keratinocytcarcinomen (basaalcel- of plaveiselcelcarcinoom) en de behandeling van deze aandoening op patiënten is relatief laag, zo blijkt uit onderzoek van Lindy Arts (IKNL) en collega’s. Patiënten rapporteren dat hun gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven beter is dan die van een normatieve populatie. Volgens de onderzoekers is dat waarschijnlijk het gevolg van aanpassingsgedrag. Ten aanzien van tevredenheid en cosmetische resultaten van diverse type behandelingen vonden de onderzoekers geen statistisch significante verschillen. Zorgverleners kunnen deze kennis gebruiken om patiënten beter te informeren bij het kiezen van een behandeling.
    Lees meer
  • Het percentage patiënten met gevorderde, epitheliale eierstokkanker dat géén gerichte kankerbehandeling kreeg, is het afgelopen decennium gestegen in Nederland. Persoonlijke keuze van de patiënt was de belangrijkste reden om af te zien van een behandeling. Volgens Myrte Zijlstra (IKNL) en collega’s duidt dit op toegenomen betrokkenheid van patiënten bij het besluitvormingsproces. Een andere belangrijke reden om niet te behandelen, was een slechte fysieke status van de patiënt wat kan duiden op zorgvuldige selectie van patiënten en weloverwogen besluitvorming. Aanvullend onderzoek blijft wenselijk om hier een goed oordeel over te kunnen geven, vooral vanuit het perspectief van de patiënt.
    Lees meer
  • Mensen die na de behandeling van dikkedarmkanker gezonder eten en meer bewegen, ervaren een betere kwaliteit van leven dan lotgenoten. Patiënten krijgen echter vaak geen of weinig voorlichting over leefstijl en voeding. Merel van Veen (IKNL, Wageningen University) concludeert in haar proefschrift dat zorgprofessionals al tijdens de behandeling dienen te beginnen met het geven van voedingsinformatie en niet moeten wachten tot patiënten of naasten daar naar vragen. Een voorwaarde is dat zorgverleners meer kennis krijgen over voeding en leefstijl, want dat inzicht is momenteel beperkt. Artsen zouden het belang van een gezonde leefstijl bovendien meer moeten benadrukken, met een leidende rol voor diëtisten in dit proces. 
    Lees meer
  • In Nederland krijgen elk jaar circa 1.300 vrouwen de diagnose ‘eierstokkanker’. Hoewel de 5-jaarsoverleving van deze patiënten de afgelopen decennia is verbeterd, is de langetermijnoverleving helaas niet gestegen. Dat blijkt uit het proefschrift ‘Optimising patient selection to improve outcome in advanced ovarian cancer’, waarop Maite Timmermans vrijdag 30 augustus 2019 promoveert aan de Universiteit Maastricht. Daarin onderzocht ze allerlei factoren die mogelijk kunnen bijdragen of bijgedragen hebben aan verbetering van de uitkomsten van zorg, zoals centralisatie van chirurgie, ziekenhuisvolume, regionale variatie, prognostische factoren, behandelvolgorde, wachtperiode bij chemotherapie en optimalisering van patiëntenselectie.
    Lees meer
  • Het gebruik van chemotherapie is bij patiënten met vroeg stadium hormoonreceptorgevoelige borstkanker tussen 2013 - 2016 aanzienlijk gedaald, terwijl de inzet van genexpressieprofielen toenam. Dat blijkt uit een studie van Julia van Steenhoven (Diakonessenhuis, UMCU) en collega’s. De daling in chemotherapie trad op in een periode dat er geen wijziging plaatsvond in de landelijke richtlijn Borstkanker (2012). In internationale richtlijnen werd echter al voorzichtig geadviseerd om minder chemotherapie te geven aan geselecteerde patiënten (ER+/HER2-). Deze studie weerspiegelt de toenemende terughoudendheid tot het geven van aanvullende chemotherapie aan geselecteerde patiënten met een vroeg stadium van borstkanker. 
    Lees meer
nieuwsbrieven
U kunt zich abonneren op de nieuwsbrieven van IKNL via onderstaande knop.

volg ons: